Hoe sla je hout op?

Het opslaan van haardhout is erg belangrijk, hierdoor waarborgt u de kwaliteit van het hout en blijft het rendement behouden. Door het haardhout op de juiste manier op te slaan, zorgt u er onder andere voor dat het haardhout niet gaat schimmelen en droog blijft. HAVÉ Verwarming adviseert om het haardhout op te slaan onder een overkapping in de tuin. 

Stapelen

Er zijn altijd een aantal dingen waar u rekening mee moet houden. Eén van de belangrijkste dingen is om het haardhout ongeveer tien centimeter van de grond op te slaan, zodat vocht er niet in kan trekken. Leg bijvoorbeeld een pallet onder het haardhout. Het is belangrijk dat het haardhout niet te diep wordt gestapeld, want anders heeft de wind geen mogelijkheid om door uw haardhout te waaien. Leg dus maximaal twee blokken in de diepte en de rest in de breedte.Dek na het stapelen je brandhout af om het te beschermen tegen de regen. Al het water dat op het brandhout terecht komt, moet opnieuw opdrogen. Scherm de stapel niet volledig af met bijvoorbeeld een zeil. De wind moet vrij spel heeft om het hout te verluchten en te drogen. Maak de afdekking goed vast want een kleine windvlaag kan ervoor zorgen dat de afdekking gaat vliegen! In onderstaande tabel kunt u zien hoelang de droogtijden zijn van het hout:

Droogtijden hout

Een Linde, Wilg, Kastanjeboom en Populier branden slecht en geven weinig warmte en een onaangename geur. Dat is de reden dat HAVÉ Verwarming afraadt aan om dit hout te stoken.

Waarom droog hout?

Het stoken van droog hout is van groot belang. Het is niet alleen schoner, maar effectiever stoken. HAVE Verwarming geeft 5 redenen waarom je voor droog hout moet kiezen bij het stoken van jouw haard of kachel.

Reden 1
We stoken hout om te kunnen profiteren van de warmte. Bij het verbranden van droog hout komt warmte vrij. Het verdampen van water uit hout tijdens de verbranding kost warmte.

Reden 2
Bij het verbranden van nat hout komt er veel waterdamp vrij. Deze waterdamp neemt zoveel ruimte in in de verbrandingskamer dat deze de verbrandingslucht verdringt. Het gevolg is een verbranding die slecht verloopt. De zuurstof mengt zich slecht met het houtgas en het houtgas kan onverbrand de kachel verlaten. Dergelijk houtgas bevat veel sterk ruikende en voor de schoorsteen en het milieu sterk vervuilende verbindingen.

Reden 3
Vele stokers hechten waarde aan een mooi vlammenbeeld. Een mooi vlammenbeeld bestaat uit vlammen en vlammentongen die een gele kleur hebben die hoort bij een mooie verbranding en een mooi vuur. Waterdamp koelt het brandbare gas dat uit het hout ontwijkt sterk af. Waterdamp remt de verbranding en heeft als het ware de neiging om het vuur te doven. Dat bederft het vlammenbeeld en de volledige verbranding, hierdoor zal de kleur van de vlam niet geel maar oranje zijn.

Reden 4
Een kachel of haard is een serieuze investering, daarom zijn veel stokers zuinig op hun kachel. Waterdamp reflecteert veel infrarood warmtestraling van het vuur. Daardoor kan de temperatuur van de kachelwand ongewenst hoog oplopen. Een gemetselde binnenwerk of spekstenen wand kan hierdoor schade oplopen.

Reden 5
Wanneer de temperatuur in de kachel hoog genoeg is wordt waterdamp gekraakt en valt het uiteen in zuurstof en waterstof. Wanneer er door één van de bovengenoemde redenen veel roet (=vrije koolstof) wordt gevormd kan het waterstofgas nieuwe verbindingen aangaan met de koolstof en de ongewenste koolwaterstofverbindingen zoals PAK´s vormen. Dit zijn sterk ruikende teer en creosoot vormende en ongezonde verbindingen. Kortom, droog hout veroorzaakt minder geuroverlast.


Hoe droog je stukhout?

Onder drogen van hout wordt verstaan het verdampen, persen of lekken van vloeistoffen uit hout. Stukhout welke is gekloofd uit schijven die uit een boomstam zijn gezaagd hebben een houtnerf die in de lengte van de oorspronkelijke boom loopt. Dit zijn de transportkanalen van de boom. Bij stukhout die uit wortelhout of uit vergroeiingen is gezaagd verloopt de nerf grillig. In beginsel verloopt het transport van vloeistoffen en gassen tijdens de droging hetzelfde als tijdens de groeifase van de boom. Vocht treedt dus hoofdzakelijk uit aan de uiteinden van de kanalen, aan de kopse hangt van de houtnerf, de kopse kant van het stukhout uit het hout. Bij hout met een hoge dichtheid zoals beukenhout, zijn de kanalen erg nauw en verloopt het transport traag. Alleen dicht onder de bast van een stam verloopt het transport sneller.
Hout droogt niet van de zon maar van de wind! Zonlicht dat direct op de kopse kant van het hout valt kan zelfs de droging sterk vertragen doordat de kanaaltjes aan de buitenkant sterk drogen, zich sterk vernauwen en zelfs afsluiten. Wanneer dat gebeurd is kan het hout alleen nog aan de schaduwzijde drogen. Tijdens het droogproces verplaatst zich water onder invloed van dampdruk door de kanaaltjes naar buiten waar het water in de atmosfeer oplost. Het is belangrijk dat het kopse hout vrij ligt en de waterdamp weg kan. Voor de droging is niet direct warmte nodig. Droge vrieslucht, zoals in de wintermaanden, werkt beter bij de droging dan vochtige warme lucht in de zomermaanden.
Anders dan bij houtpellets kan stukhout nooit geheel droog en vochtvrij zijn. Er is altijd sprake van fysisch en chemisch gebonden vocht. Zelfs het droogste en oudste meubelhout bevat enkele procenten vocht. We spreken dus al bij circa 15% vocht van droog stukhout dat geschikt is om te stoken.

Kijk hier eens naar alle houtkachels die wij in het assortiment hebben waarin u uw mooie droge hout kan verbranden.